Fra Bartolommeo werkte niet alleen in zijn atelier. Zoals gebruikelijk was de ruimte gevuld met leerlingen en assistenten die ook delen van de voorbereidingen voor het schilderij op zich namen. Om de figuren op zijn schilderijen zo realistisch mogelijk te maken gebruikte hij een levensgrote ledenpop. Dit houten figuur was voorzien van beweegbare gewrichten en afneembare ledematen. Hierdoor was het mogelijk om de pop aan te kleden en de gewenste houding te geven. De gewaden vallen in natuurlijke plooien waarbij de lichtwerking goed tot zijn recht kwam. Het diende als inspiratie voor de latere schilderijen. Ook maakte hij enkele meer gedetailleerde portretten van hoofden als onderdeel van de voorstudie. Het gebruik van deze hulpmiddelen zijn bekend door een atelierinventaris uit 1517, waar twee ledenpoppen worden beschreven. Ook enkele kleine klei- en wasmodellen zijn hieruit bekend. Deze zijn gebruikt als voorbeeld voor het schilderen van het Christuskind of engelen.

Deze werkwijze inspireerde de Rotterdamse kunstenaar Iwan Smit die in het museum 3 maanden lang werkte aan een groot schilderij. Geïnspireerd op het beroemde altaarstuk ‘Pala del Gran Consiglio van Fra Bartolommeo ging hij aan de slag met assistenten en met behulp van het publiek. Het oorspronkelijke schilderij werd tussen 1510 en 1513 geschilderd in opdracht van de stadsregering als eerbetoon aan de vrije en democratische republiek Florance. Het schilderij van Iwan Smit moest een eerbetoon worden aan de multiculturele havenstad die Rotterdam is geworden. Centraal staat de God Portunus, de God der havens en rivieren. Alle stappen van de werkwijze uit het atelier van Fra Bartolommeo zijn hierin gevolgd. Het begon met een compositie en figuurstudie waarbij het resultaat is overgezet op een paneel. Tenslotte is het geheel afgeschilderd in kleur. Net als bij de werken van Fra Bartolommeo zijn de kleuren helder en sprekend